[Vorige: "Schapen en koeien zoeken verkoeling"] [Volgende: "Veel opmerkingen rond 101 tegenwerpingen Structuurvisie"]
28/06/2005: "101 redenen waarom de Structuurvisie een slecht plan is"
Ecologie/natuur/milieu (20)
• Er wordt onvoldoende rekening gehouden met de unieke ecologische kwaliteiten van de boerengrond in de gemeente.
• Een groene buffer van 200 meter tussen enerzijds Vogel- en Habitatrichtlijngebieden en anderzijds bebouwing is noodzakelijk om de weidevogelpopulatie in de gebieden in stand te houden.
• Een groene buffer van 200 meter tussen de Ecologische hoofdstructuur en industriële bebouwing is noodzakelijk om de natuur- en landschapskwaliteiten in de aangrenzende gebieden te bewaken.
• Op ongeveer 85 meter van een kolonie zwarte sterns (in de afgelopen maanden ook de zeer zeldzame witvleugelstern) en het broedgebied van de kwartelkoning is industriële bebouwing voorzien. Dit betekent wellicht het einde van deze zeldzame en karakteristieke vogels in dit gebied.
• Foerageergebied van zwarte stern, kolganzen en brandganzen gaat verloren.
• Broedgebied scholekster, slobeend, kuifeend, krakeend, meerkoet, kievit, grutto, veldleeuwerik, tureluur, wulp en andere weidevogels gaat verloren.
• Natuur en industrie gaan niet samen. In de Structuurvisie staat enerzijds dat de industrie in Genemuiden met 25 hectare moet groeien en anderzijds dat op het platteland recreatie en educatie zich verder moeten kunnen ontwikkelen. Dit is vergelijkbaar met een camping beginnen naast de Rotterdamse haven of een kindercrèche langs de Moerdijk.
• In de Structuurvisie is onvoldoende rekening gehouden met de strengere Europese eisen voor luchtkwaliteit.
• Een schitterend cultuurlandschap met een eeuwenoude kronkelende winterdijk en vijf landschapsbepaalde kolken gaan min of meer verloren.
• Een aantal beschermde plantensoorten (zwanebloem, dotterbloem) in en langs de boerensloten gaan verloren.
• De geplande bebouwing betekent een bedreiging voor het Vogelrichtlijngebied in de uiterwaarden van het Zwarte Water. Door de toenemende bedrijfsactiviteiten (vrachtauto’s en machines) zal de rust in het natuurgebied verminderen.
• Houtwallen langs het geplande nieuwe industrieterrein zullen roofvogels, kraaien en eksters trekken die vooral in het broedseizoen voor predatie zorgen in het nabij gelegen Vogelrichtlijngebied.
• De rust zal in de aanlegfase waarschijnlijk ernstig worden aangetast door brommers die (vooral op zaterdagmiddag) met volumes van boven de 90 decibel over het zand crossen.
• Het kabaal van heimachines in de nabijheid van het broedgebied voor weidevogels heeft een negatieve invloed op de weidevogelpopulatie.
• Het leefgebied van vissen, kikkers en andere waterdieren gaat verloren.
• De openheid van de polder Mastenbroek staat op het spel. Ten onrechte leeft het idee bij veel gemeentebestuurders dat het oosten van het bestaande industrieterrein niet tot de polder Mastenbroek zou horen. Belvedère gaat ook over dit gebied!
• In de Structuurvisie staat meerdere keren dat er een groene buffer moet komen van minimaal 100 tot 200 meter vanuit de dijk. Op het kaartje is de kortste afstand Dijk – Gepland industrieterrein ongeveer 38 meter!
• Verschillende elementen die verder bebouwing ten zuiden van het industrieterrein ‘blokkeren’ gelden ook voor het gebied ten oosten van het industrieterrein (Speciale Beschermingszone Zwartewater).
• De biotopen van amfibieën, vissen en vleermuizen die leven aan de beide zijden van Cellemuiden en tevens genoemd worden in bijlage IV van de Habitatrichtlijn lopen ernstig gevaar indien zich er veranderingen voordoen in de directe omgeving.
• Om de plannen in de Structuurvisie te kunnen vertalen naar een concreet bestemmingsplan zal ongetwijfeld nog een milieueffectrapportage moeten worden uitgevoerd. Gezien de unieke natuurwaarden in het gebied is het zeer twijfelachtig of de m.e.r. het groene licht zal geven aan de plannen in de Structuurvisie.
Economie (19)
• De autochtone beroepsbevolking in Zwartewaterland heeft ruimschoots werkgelegenheid binnen de gemeentegrenzen.
• De economische ontwikkelingen in de tapijtindustrie zijn sinds 2003 ronduit slecht. Steeds meer tapijtproductie verdwijnt naar lagelonenlanden (vooral Polen).
• De binnenlandse vraag naar tapijt neemt af. In Nederland kiest men steeds vaker voor duurzame alternatieven (hout, tegels etc)
• Het aantal banen (van werknemers) in Zwartewaterland stabiliseert sinds 2001. De plaatselijke economie groeit niet meer (zie tabel 1).
• Het aantal vestigingen van bedrijven/instellingen stabiliseert sinds 2001 (zie tabel 2).
• Een uitbreiding van de industrie in Genemuiden met 25 hectare brengt te grote financiële risico’s met zich mee. De enorme planschade en het uitkopen van boerenbedrijven weegt niet op tegen netto 25 hectare industrieterrein. Waarschijnlijk moet een hectare industrieterrein uiteindelijk rond de 2,8 miljoen euro gaan kosten (280 euro per vierkante meter). Hiermee is de geplande uitbreiding van het industrieterrein waarschijnlijk veel te duur en ongetwijfeld de duurste industrie ooit binnen de gemeentegrenzen.
• De Structuurvisie en vooral de brieven inzake de wet voorkeursrecht gemeenten hebben een verlammende werking op gezonde boerenbedrijven. De plannen brengen de continuïteit van deze bedrijven ernstig in gevaar met alle bijkomende problemen.
• De Structuurvisie geeft geen enkele indicatie aangaande de financiële haalbaarheid van de plannen.
• De Structuurvisie geeft geen enkele duidelijkheid aangaande het tijdpad. Hierdoor bestaat er grote onduidelijkheid en onzekerheid bij een groot aantal boerenbedrijven en andere bewoners aan Cellemuiden. Dit heeft direct bedrijfseconomische gevolgen en implicaties voor de te volgen (bedrijfs)strategie.
• Door de plannen in de Structuurvisie zullen weer verschillende boerenbedrijven moeten wijken. Het aantal boerenbedrijven in Zwartewaterland is de laatste jaren al sterk verminderd. Hierdoor verzwakt de landbouweconomie.
• Door het verdwijnen van boerenbedrijven lopen er steeds minder koeien in de weilanden. Dit is een verschraling van het landschap.
• De landbouw wordt in een groot deel van de gemeente ondergeschikt gemaakt aan de natuur en het landschap. Het samen optrekken van landbouw en natuur (bv in het koplopersproject weidevogels) werkt echter veel beter.
• De Structuurvisie stelt ten onrechte dat schaalvergroting binnen de landbouw in de polder Mastenbroek en het gebied tussen Hasselt en de Lichtmis doorgang moet kunnen vinden. In de overige gebieden zal de landbouw nevengeschikt worden aan natuur en landschap. Dit betekent voor een flink aantal boerenbedrijven een andere bedrijfsstrategie die vanuit gemeentelijk beleid wordt gestuurd. In de Structuurvisie is geen enkele indicatie gegeven hoe deze inkomstenderving in de toekomst is op te vangen.
• Het aantal ww-uitkeringen in Zwartewaterland is gestegen van 110 in het laatste kwartaal van 2002 tot 210 in het laatste kwartaal van 2004. Ook dit is een indicatie dat het minder goed gaat met de plaatselijke economie. Gelukkig is het aantal ww-uitkeringen nog wel betrekkelijk laag ten opzichte van landelijke en provinciale cijfers.
• De consumptieve bestedingen aan wooninrichtingen is in de periode 2002-2004 flink gedaald.
• Het gemiddeld bedrag dat huishoudens aan kleden, matten en tapijten uitgaven is in de laatste jaren gedaald van 91 euro tot 69 euro.
• De sterke exportgroei van tapijt in de periode 1996-2001 is voorbij. In 2002 verminderde de tapijtexport voor het eerst in vele jaren.
• De industrie in Genemuiden is eenzijdig (veel tapijt en aanverwante (transport)bedrijven. Dit maakt de industrie in het licht van de huidige economische ontwikkelingen erg kwetsbaar. Een additionele ruimteclaim van 25 hectare industrie lijkt derhalve veel te veel.
• De inzet van veel additionele grond voor industrie is met de wetgeving (WVG) zeer eenvoudig te doen. Over de keerzijde van deze eenvoudige ingrepen is te weinig nagedacht en in ieder geval te weinig begrip getoond. De Structuurvisie heeft te veel van ‘boeren bekijk het maar’.
Planologie (21)
• Genemuiden is al bijna volledig volgebouwd terwijl het maar 13 procent van de gemeentelijke oppervlakte in beslag neemt. Genemuiden is de laatste jaren uitgegroeid tot een industrieel bolwerk terwijl het oorspronkelijk een agrarische gemeente was, met vele stadsboeren. Het is nu genoeg geweest. Ondernemers kunen voor industrieterrein op veel andere plaatsen terecht. Het authentieke agrarische karakter rond de kronkelende dijk Cellemuiden gaat voor altijd verloren.
• De verhouding industrie, woningbouw en groen is zeer onevenwichtig. Genemuiden, Rotterdam en de Moerdijk hebben dergelijke disproportionele verhoudingen (zie tabel 7).
• Archeologisch monument. In de uitbreidingsplannen zou een unieke karakteristieke woonboerderij (Riezebos) op een van de weinige authentieke huisterpen in Genemuiden (op de monumentenlijst van de provincie Overijssel) verloren gaan. http://oversticht.bekijkhetmaar.com/detail.asp?offset=14&offset2=8&id=5689&gemeente=20&soortobject=&plaats=&trefwoord=101&straat
• De infrastructuur in Genemuiden kan een verdere groei niet bijbenen.
• Het alsmaar groter worden van het industrieterrein heeft een groot aantal ongewenste gevolgen. Ondermeer het dichtslibben van de wegen naar de A-28. Ook daarom is de Hessenpoort langs de A-28 een uitstekend alternatief voor ondernemers in Genemuiden. Desnoods gaan de ondernemers in Hasselt verder. Genemuiden is geen eiland en daarom moet het “eiland-denken” een halt worden toegeroepen.
• De geplande woonclusters (25-40 woningen) ten zuiden van de randweg in Genemuiden zijn overbodige luxe en vormen opnieuw een veel te zware aanslag op het agrarische karakter van de polder Mastenbroek.
• De Structuurvisie is te veel gericht op het leven dat zich in het verre verleden rond het dorpsplein afspeelde terwijl de ondernemers tegenwoordig wereldwijd opereren. Dit mag ook consequenties hebben voor mobiliteit. Het is immers niet strikt noodzakelijk dat werknemers ’s middags tussen 12.00 en 13.00 uur de warme maaltijd thuis gebruiken. Een dorpscultuur moet zonodig ook een beetje mee veranderen.
• Er moet veel meer gedaan worden aan het beter benutten van het bestaande industrieterrein. Inbreiding is niet pas na het jaar 2020 de enige optie, het is in de afweging anno 2005 feitelijk al de enige nette mogelijkheid. Een verantwoorde ruimtelijke ordening in Genemuiden betekent: iets meer grond voor wonen, “werken” ontwikkelen in de bestaande industriegebieden en iedere vierkante meter groen en boerengrond handhaven/koesteren.
• Theo Rietkerk en andere provinciale kopstukken hebben altijd geroepen dat er geen grootschalige bouwprojecten meer in de polder Mastenbroek zouden komen. Deze uitspraken staan op gespannen voet met de Structuurvisie.
• Het lokaliseren van een industrieterrein in de directe nabijheid van een essentiële waterkering (winterdijk) is ongewenst.
• De recreatieve voorzieningen in de gemeente zijn beperkt. Door het zwaarder aanzetten van industrieterrein gaan mogelijkheden tot uitbreiding van recreatieve voorzieningen verloren.
• De landbouw verliest haar dominante functie en zal ondergeschikt worden gemaakt aan natuur en landschap.
• Een citaat uit de Structuurvisie “Genemuiden blijft voor alles woon- en werkstad”. Dit doet de bestaande natuur en het unieke landschap in Genemuiden te kort. Er zijn plaatsen in de gemeente met een hoge natuurwaarde en die moeten blijven. Met name het gebied ten oosten van het bestaande industrieterrein.
• De Structuurvisie legt te weinig de nadruk op de mogelijkheden van inbreiden, mobiliteit in combinatie met locatie Hessenpoort langs de A-28 bij Zwolle.
• In de zoeklocatie “werken” ten oosten van het industrieterrein de Zevenhont is halverwege het terrein een groene zone voorzien. Deze zone kan veel beter aan de krappe groene buffer worden geplakt. Hiermee kan in ieder geval het archeologisch monument (woonboerderij op oude huisterp) worden gespaard.
• In het bestaande industrieterrein is onvoldoende “openbaar groen” aangelegd (in het bestemmingsplan stond 5%).
• De hoogte van de industriële bebouwingen aan de randen van het industrie terrein zijn niet voldoende gelimiteerd (maximaal 6 meter is gewenst, gezien het feit dat bomen deze lengte niet snel halen).
• De voorziene ‘groene afronding’ van het geplande nieuwe industrieterrein ten oosten van de Zevenhont is direct aan het industrieterrein te strak en saai.
• In de gebieden waar ‘poelen, rietstroken en houtwallen’ zijn gepland is onvoldoende rekening gehouden met de bestaande landschapselementen zoals kolken en de kronkelende winterdijk.
• In de groene afronding langs het geplande industrieterrein ten oosten van de Zevenhont moet meer variatie komen. Een paar percelen grasland met de beweiding van zoogkoeien is bijvoorbeeld al een fraaie aanvulling.
• Met het verdwijnen van weer een substantieel deel van de veenweidegebieden in Zwartewaterland is vele eeuwen cultuurhistorie in het geding.
Gemeentelijke blunders (10)
• De Structuurvisie probeert meerdere gemeentelijke fouten in het verleden te verbloemen.
• De Structuurvisie camoufleert het jarenlang in gebreke blijven bij de aanleg van een fatsoenlijke groenstrook langs het industrieterrein Zevenhont.
• De Structuurvisie kiest weliswaar terecht voor het niet bebouwen van de gronden nabij de Driehoek en rept met geen woord over een zinvolle bestemming van deze dure landbouwgronden. Begint hier de verpaupering? Vage kreten in de sfeer van ‘toegankelijke landschapsgebieden’ scheppen niet direct vertrouwen gezien het gemeentelijk grondbeleid in het verleden.
• De gemeente heeft in het verleden regelmatig landbouwgronden verkocht terwijl het later landbouwgronden terug moest kopen. Dergelijk handelen is ronduit kortzichtig geweest.
• De gemeente heeft jarenlang een te weinig restrictief beleid gevoerd ten aanzien van het uitgeven van industriegronden. Hierdoor zijn grote oppervlaktes industriegrond nog niet bebouwd. Ook ontbreekt op het industrieterrein ‘openbare’ groen. Het denken bij de gemeente is jarenlang teveel gericht geweest op geld en te weinig op ecologie en architectuur.
• De gemeentebestuurders hebben op geen enkele wijze laten merken betrokken te zijn bij de ingrijpende gevolgen van de Structuurvisie voor de betrokken boerenbedrijven. De Structuurvisie is bureauwerk en geen werk van mensen die de situatie ter plekke kennen. Mensen van de provincie Overijssel in Zwolle hebben veel meer betrokkenheid getoond en zijn beter bekend met de gebieden dan de gemeentebestuurders in Zwartewaterland.
• De gemeentebestuurders hebben stelselmatig niet willen meewerken aan de aanleg van een groenstrook van 20 meter langs het industrieterrein Zevenhont. Hierdoor is er weinig vertrouwen in de aanleg van groene stroken die verder gaan dan 20 meter. Kennelijk moet iedereen zich aan bestemmingsplannen houden behalve de gemeente zelf.
• In de welstandsnota van Zwartewaterland zijn er allerlei beperkende architectonische voorschriften aangaande de bouw van agrarische bedrijfsgebouwen, maar bij het bouwen van een foeilelijke fabriek mag vrijwel alles. Mede hierdoor mag verwacht worden dat de horizonvervuiling stevig blijft voortwoekeren.
• De gemeentebestuurders hebben zich in de Structuurvisie gebaseerd op verouderde en onjuiste cijfers. Het vertrekpunt is onjuist, de aannames irrealistisch en de extrapolaties veel te optimistisch (zie tabellen 1 tot en met 7).
• In zijn algemeenheid communiceert de gemeente Zwartewaterland slecht met haar burgers. Ook de informatie rondom de Structuurvisie is te laat de wereld in geholpen en staat nog steeds niet op de website van de gemeente.
Bevolkingskrimp, bevolkingsprognose en wonen (10)
• De autochtone beroepsbevolking in Zwartewaterland heeft ruimschoots werkgelegenheid binnen de gemeentegrenzen.
• Er zijn jaarlijks geen 120 woningen nodig zo is berekend in de Structuurvisie maar 61,3 (zie tabel 6).
• Het aantal particuliere huishoudens in Zwartewaterland is in de periode 2001-2004 met jaarlijks 60 toegenomen. Dit wijst ook in de richting van een jaarlijkse extra woningbehoefte van ongeveer 60 woningen (zie tabel 3).
• Op dit moment (eind juni 2005) staan er in Zwartewaterland 136 woningen te koop. In Zwartsluis 63, Genemuiden 50 en Hasselt 23. Ook dit wijst op een stagnerende behoefte aan nieuwe woningen.
• In de periode 2002 tot en met het eerste kwartaal in 2005 zijn er 2866 Zwartewaterlanders vertrokken naar een andere woonplaats. Er kwamen slechts 1816 nieuwkomers in de gemeente wonen. Dit betekent een vertrekoverschot van ruim 1000 mensen (zie tabel 5).
• Door de industriële uitbreidingsplannen zal het woongenot in de gemeente verder worden beperkt. Dit kan een toenemende uitstroom van inwoners betekenen.
• Verwacht mag worden dat de bevolking in Zwartsluis nauwelijks meer groeit. De bevolking in Hasselt is in de periode 2001-2004 flink gekrompen van bijna 8000 tot minder dan 7500. Genemuiden heeft nog wel enig groeipotentieel maar ook hier stagneert de groei de laatste jaren. Met deze groeicijfers in combinatie met het hoge vertrekoverschot lijkt een jaarlijkse additionele woningbehoefte van 125 woningen per jaar irrealistisch (zie tabel 4 en de grafiek).
• De bevolking in Zwartewaterland bestaat uit veel jongeren. Het is belangrijk dat jongeren in een plattelandsgemeenten dichtbij het groen en de natuur opgroeien. Dat ze ook nog iets meekrijgen van de cultureel historisch erfgoed van Genemuiden (biezen en (stads)boeren).
• In 2003 was het aantal verleende bouwvergunningen voor nieuwbouwwoningen in Zwartewaterland 67. In 2004 waren dit er 84. Ook deze aantallen liggen ver beneden de gehanteerde jaarlijkse woningbehoefte in de Structuurvisie.
• Woningbouw op het platteland moet zeer restrictief worden toegepast om de openheid van de polder Mastenbroek te waarborgen. Woonclusters en woningbouw op boerenerven is derhalve onwenselijk. Daarnaast brengt dit teveel risico’s met zich mee.
Algemeen (21)
• Als er een duur rapport wordt geschreven dan kost het nog maar een fractie van het totale bedrag om een eindredacteur de taalfouten er uit te laten halen. Enige professionaliteit van de gemeente op dit punt mag worden verwacht.
• Als er een duur rapport wordt geschreven is het onredelijk de zwaar betrokken partijen en direct belanghebbenden 30 euro te laten betalen. Of betalen de raadsleden dit ook? Betalen de betrokken medewerkers in de schaduwfracties ook voor dit rapport?
• Het is onredelijk de zwaar betrokken partijen in het geheel wel een brief te sturen inzake de ‘wet voorkeursrecht gemeenten’ en geen Structuurvisie.
• De betrokkenheid van gemeentebestuurders met de inwoners is ver onder de maat. Hierdoor is er bij de jeugd ook weinig animo iets te doen met politiek.
• Het respect voor de natuur en het landschap krijgt in zijn algemeenheid te weinig aandacht in de sfeer van gerichte beleidsinstrumenten. Het blijven voornamelijk mooie woorden. Zo kan de gemeente in navolging van veel andere gemeenten de beslissing nemen Cellemuiden alleen toegankelijk te maken voor bestemmingsverkeer en tenminste op zondag af te sluiten voor motoren; zeker in de broedperiode van weidevogels.
• Brieven aan de gemeente krijgen zelden een adequaat antwoord.
• Emailtjes aan de gemeente Zwartewaterland worden slecht verwerkt.
• Gemeentelijke blunders blijven in zijn algemeenheid zonder gevolgen.
• De gemeentelijke lasten stijgen de laatste jaren disproportioneel snel.
• In zijn algemeenheid is de informatieverstrekking inzake de Structuurvisie slecht geweest. Een persconferentie met een nadere uitleg van de voorgestelde plannen was veel beter geweest.
• Het tijdstip waarop het rapport was vastgesteld (31 mei 2005) en het tijdstip waarop het beschikbaar werd gesteld (14 juni 2005) is veel te lang geweest.
• Het tijdstip van het beschikbaar stellen van het rapport (14 juni 2005) en de raadscommissievergadering (20 juni 2005) en de gemeenteraadsvergadering (7 juli 2005) is veel te kort voor het opstellen van adequate alternatieve plannen.
• Het tijdstip van het beschikbaar stellen van de Structuurvisie (14 juni) was de drukste periode op boerenbedrijven. Dit betekent dat de agrarische ondernemers over het algemeen minder tijd hebben kunnen besteden aan het doornemen van de Structuurvisie dan andere ondernemers. Ook hieruit blijkt weinig respect voor deze zwaar betrokken ‘partij’.
• Het was lang onduidelijk wanneer de Structuurvisie beschikbaar zou komen.
• De gemeente praat teveel in termen van (bestemmings)plannen, maar zorgt onvoldoende voor een adequate handhaving/uitvoering.
• De gemeente laat te vaak dossiers liggen waardoor de plannen van ondernemers vertragen; ondermeer op het terrein van bouwvergunningen.
• Bestemmingsplannen worden slecht uitgevoerd.
• Het economisch denken van de gemeentebestuurders wint het doorgaans van het ecologisch denken. Gezien de kwaliteiten van beide is een goed evenwicht hiertussen, vooral in Genemuiden, van groot belang.
• In zijn algemeenheid is het wenselijk eerst groenstroken aan te leggen en daarna industrieterrein. Het groeien van bomen verloopt nu eenmaal een stuk trager dan het bouwen van een fabriek.
• Tientallen Zwartewaterlanders maken zich zorgen over de gepresenteerde plannen en de gevolgen voor de natuur en landbouw.
• Verschillen natuur- en milieuorganisaties hebben te kennen gegeven de uitbreidingsplannen af te keuren.
Tabellen zijn op te vragen bij Cor Pierik email: cor@boerendiekhuus.nl


